Voor het afluisteren van de interviews is QuickTime nodig. U kunt dat programma hier downloaden.
Elk interview bestaat uit een aantal fragmenten. Als u in "alle velden" een zoekterm invult, doorzoekt u:
1) de beschrijvingen van deze fragmenten: de gevonden zoekterm licht geel op;
2) alle woorden die in de ondertitels voorkomen: u ziet geen gele onderstreping.
U kunt ook direct naar een bepaald interview gaan. Daarvoor kunt u het uitklapscherm achter "geïnterviewde" gebruiken. Door op de tekst "details" onder de afbeeldingen te klikken kunt u het gewenste fragment bekijken. Voor sommige afbeeldingen staat een plus-teken "+". Als u hierop klikt verschijnen de onderliggende fragmenten.
Alexander "Sasja" Petsjerski (Krementsjoeg 22 februari 1909) was luitenant in het Rode Leger en raakte in de herfst van 1941 krijgsgevangen. Toen bij een medische controle bleek dat hij joods was, werd hij op 22 september 1943 overgebracht naar Sobibor. In drie weken stelde hij een gedetailleerd plan op om met alle gevangenen het kamp te ontvluchten. Over zijn gevangenschap en zijn aandeel in de opstand zei hij: "Het is niet zomaar een herinnering, ik doorleef het".
Arkady Moishejewicz Wajspapir (1921) diende als sergeant in het Rode Leger en raakte in september 1941 gewond. Als joodse krijgsgevangene moest hij in Sobibor met de andere Sovjet-soldaten barakken bouwen in kamp IV. Het drong al snel tot hem door dat "de enige manier om daar weg te komen was door te vluchten".
Bernard Weber (Lemberg 25 maart 1922) overleefde Auschwitz-Birkenau en was daar ooggetuige van de opstand in crematorium B. Hij werkte enkele maanden bij het Sonderkommando dat lijken moest verbranden: "Dag en nacht brandde het vuur vier, vijf meter boven de schoorsteen uit".
Chaskiel Menche (Kolo 7 januari 1910) kwam in de zomer van 1942 aan in Sobibor en werd korte tijd in de sorteerbarak tewerkgesteld. Vervolgens werd hij aangewezen als schoenpoetser en pettenmaker. Samen met anderen beraamde hij een plan om Himmler tijdens een bezoek aan het kamp te vermoorden. Zijn verlangen naar wraak werd vervuld toen hij tijdens de opstand een bewaker neerstak: "Mijn hart is lichter geworden want ik stond in zijn bloed".